Persoonlijk, Uit de oude doos, Yvonn

Goudse Hartstocht

Och mensen, ik deed toch zoiets leuks!
Goudse Hartstocht heet het.

Men neme: één en twintig mensen.
Eén en twintig mensen uit Gouda.
Eén en twintig mensen uit Gouda met een hobby.
Eén en twintig mensen uit Gouda met een hobby waar ze hartstochtelijk over kunnen vertellen.

Vervolgens deelt de organisatie deze één en twintig mensen in in drie groepen van zeven. Dit gebeurt ongetwijfeld zeer uitgebalanceerd. Op basis van adres dan wel op basis van hobby.
Of wellicht op allebei.
Tevens prikt de organisatie drie avonden met tussenpozen van een maand.
En – niet geheel onbelangrijk!-  de organisatie stippelt routes uit die de drie afzonderlijke groepen op de drie avonden gaan rijden. In ongeveer een kwartier van lokatie naar lokatie. Van woonhuis naar woonhuis. Waar de bewoner in ongeveer drie kwartier over zijn of haar passie zal vertellen
Vervolgens laat je alle één en twintig mensen op de eerste avond, op de fiets (!), samen komen op een bijzondere lokatie in Gouda.
Het bijzondere kan zitten in de schoonheid van de lokatie, de nieuwe invulling van deze lokatie of de (relatieve) onbekendheid van deze lokatie. Bijvoorbeeld.
Daar maken de één en twintig mensen even kort kennis met elkaar en met de lokatie om vervolgens in de drie groepen te vertrekken naar het woonadres van één van de groepsleden.
Op de fiets dus.
In minder dan een kwartier. Meestal.
Daar schenkt de bewoner van dat specifieke  adres iets te drinken in en verzorgt desnoods een knabbeltje en vertelt over zijn of haar hobby. Dus.
Op twee andere plekken in de stad zit dus nog zo’n groep van zeven in een woonhuis. Waar zes mensen luisteren hoe de bewoner over zijn/haar passie vertelt.
Na circa drie kwartier stapt de groep weer op de fiets en vertrekt naar het woonhuis van een volgend groepslid. Deze zorgt ook weer voor een drankje en een knabbel en vertelt.
Na opnieuw drie kwartier stapt ieder groepslid weer op de fiets en scheiden de wegen; iedereen gaat immers naar zijn of haar eigen huis.

Een maand later komen de groepsleden weer bij elkaar. Alle drie de groepen op het woonadres van één van de groepsleden. De bewoner schenkt koffie en thee en zorgt wellicht voor een koekje en doet enthousiast zijn of haar verhaal.
En na drie kwartier…
U snapt waarschijnlijk inmiddels het principe.
Deze tweede avond dus drie woonadressen.
Drie groepen die door de stad touren. Los van elkaar. Onwetend waar de leden van de andere groepen over vertellen.

Weer een maand later verzamelen alle groepen zich weer afzonderlijk op het woonadres van een groepslid.
Dit keer doen ze de eerste avond in omgekeerde  volgorde.
Na het tweede woonhuis van de avond komen alle groepen weer naar één bijzondere lokatie in de stad. Een andere lokatie dan op de eerste avond.
Daar krijgen alle groepsleden nog even een kleine tip van de sluier van alle hobbies en passies waarover in de afzonderlijke groepen  is verhaald.
En aan het eind van de avond gaat iedereen enthousiast naar huis.
Met nieuwe kennissen. En nieuwe inspiratie.

Al eerder had iemand me gezegd eens mee te doen.
Kwam er steeds niet van. Je kent dat wel.
Maar nu kwam het er wel van.
Moest ik alleen nog wel even bedenken waarover ik dan ging vertellen.
Toneel? Kan.
Schrijven? Kan.
Na enig wikken en wegen besloot ik.
En ik werd ingedeeld. Als laatste verteller van mijn groepje.

Op de eerste avond troffen we elkaar op een lokatie die ik nog niet kende.
Een oude lokatie die nieuw in gebruik wordt genomen.
Dusdanig dat creatieve mensen er gebruik kunnen maken van de ruimte om hun creatieve ding te doen. Prima. Ik gun de ondernemers een goed draaiende studio!
In mijn groepje 5 compleet onbekenden en 1 alleen bekend van twitter. Altijd leuk om het irl-gezicht er bij te zien.
We stapten op de fiets naar Anita.
Een tafel vol boeken. Want Anita heeft een passie voor boeken. Boeken lezen. Boeken voelen. Boeken bespreken. Veel boeken. Dat was duidelijk. De vonk sloeg bij velen over. Ik weet zeker dat menig groepslid zin had om die avond met een boek naar bed te gaan.
Na een fietsritje kwamen we bij Loes.
En Loes heeft als passie om mensen die zeggen dat ze niet kunnen tekenen aan het tekenen te krijgen. Want natuurlijk kunnen we allemaal tekenen. Alleen heel veel mensen durven het niet meer. Wellicht omdat ooit iemand heeft gezegd dat ze het niet (goed) kunnen.
Ik voelde me aangesproken. Maar kreeg wel mooi een blad vol vogeltjes op papier.
En toen moesten we weer naar huis.

De tweede avond fietste ik naar het huis van Carolyt. Dacht ik. Bleek het die avond te worden bewoond door de moeder van Erasmus. Want dat is waar Carolyt zich voor uitgeeft. In Gouda een veel geziene figuur. Als de moeder van Erasmus dus. Want Erasmus. Die komt uit Gouda. Laat Rotterdam maar praten. Gouda it is. Carolyt weet daar alles van. En kan daar minstens zo veel van vertellen.
Met z’n zevenen fietsten we vervolgens naar Lesley.
En ik herinner me hoe haar ogen steeds meer gingen stralen toen ze vertelde over wandelen in de bergen. Ze liet haar lichtgewicht rugzak met lichtgewicht tent en lichtgewicht eten en lichtgewicht kleren zien. En foto’s van hoe ze compleet in plastic gehuld zich niet gek liet maken door de regen en de kou in de bergen. En bleef maar stralen. Dat Lesley ieder jaar moet wandelen om energie op te doen stond als een paal boven water.
De rugzak achter latend klommen we weer op de fiets. Naar Lilian. Die de spanning goed had opgevoerd maar zeer enthousiast bleek over het begeleiden van hoogbegaafde kinderen in de wereld die onderwijs heet. Helaas ingegeven door slechte ervaringen. Maar hoe mooi is het als je een negatieve ervaring om kan zetten in positieve energie! En voor mijn eerste-impuls-mening die haaks stond op haar visie was gewoon plek. Dan is het goed, mensen. Dan heb je een goeie groep te pakken!
Na nog wat naborrelen en ervaringen uitwisselen fietsen we vervolgens allemaal weer naar huis.

Om elkaar een maand later weer te treffen bij Dorien.
Zij heeft er, na overleven op Twixxen en koekjes, een passie gemaakt van gezond eten.
Gezond in de zin van zonder E-nummers en dergelijke. Niet macrobiotisch. Want daar hangt een beetje muffige uitstraling aan. Nee, gezond eten dat lekker is. Dat eten leuk maakt.
Zij en haar man en kinderen eten het dagelijks. En willen niet anders meer.
Weer voelde ik me aangesproken. En gevuld met foute dingen. Maar ik at een heerlijk ijsje van gepureerd fruit én een zalige bonbon van echte chocolade.
En overwoog Marc te bellen om de ‘foute zoutjes’ weg te zetten.
We sprongen immers op die fiets naar mijn huis.
Ik vertelde een verhaal.
Over hoe ik vroeger niet naar ‘Annie’ ging, maar naar ‘De Jantjes’.
En trok vervolgens een koffer met nog veel meer pietluttige herinneringen open.
Want ik koester mijn herinneringen hartstochtelijk.

Persoonlijk had ik er de hele avond over kunnen praten (u kent me…) maar we zeiden Marc gedag en vertrokken naar de laatste, gezamenlijke, lokatie.
Leuk om te merken dat de drie groepen echt drie groepen waren. Die al een beetje met elkaar konden lezen en schrijven en gezamenlijk intresse toonden in de verhalen in de andere groepen.
Leuk ook dat ‘mijn’ groep in ieder geval besloot om nog eens samen te komen. Bij voorkeur bij de ‘aanschuifmaaltijd’ die regelmatig in de lokatie waar we waren wordt georganiseerd.
Ik heb er nu al zin in.
Want.
Ik stuiterde na deze avond.
Ik had zin in meer. Veel meer.
Naar aanleiding van deze avond overwoog ik zelfs om ‘huiskamervertellingen’ te organiseren.
Over herinneringen.
Van die pietluttige. Bij voorkeur.
En oké… ik zal eerlijk zijn… de gedachte is nog niet helemaal weg…
Maar eerst maar eens bedenken of ik echt de juiste verhalen kan maken…
U hoort nog van mij. Ongetwijfeld!

Maar eerst, bij deze een compliment voor de bedenkers en organisatoren van deze ‘Goudse Hartstocht’; Maaike en Heleen.
Kijk vooral ook even op www.goudsehartstocht.nl
Als iemand dit fantastische idee wil jatten of kopiëren voor zijn of haar eigen stad; ze hebben vast nog goede tips voor je. Denk ik..

En ik. Ik ga me deze drie avonden, de lokaties en zeker ook de mensen herinneren.
Met liefde.

Advertenties
Standaard
Toneel, Uit de oude doos, Yvonn

Knecht van twee meesters

Dit ben ik.
Die ene met dat gele pakkie.
Op 22 oktober 2005.
‘De knecht van twee meesters’ in de goudse schouwburg.
Met toneelvereniging ‘De Goudse Komedie’.

Het was al ruim een jaar eerder.
Dat ik werd ‘benaderd’, zoals dat netjes heet.
Voor de rol van Beatrice.
In de jubileumvoorstelling van De Goudse Komedie.
De vereniging waar mijn vader lid van was.
Al jaaaaaren.
En waar hij vòòr, maar vooral achter de schermen,
al belangrijke rollen had gespeeld.
Penningmeester, decorbouwer, voorzitter, inspecient, barcommissielid en speler.
Verzin het maar.
En ik deed het voor hem.
Niet zoals menigeen dacht, om ook eens voor een grote zaal te spelen.
(Want kleine zaaltjes en/of weinig publiek boven op mijn lip vind ik stiekem eigenlijk leuker…)
Voor hem zei ik ‘ja’.
Tegen Beatrice in ‘De knecht van twee meesters’.

We leerden tekst, repeteerden, repeteerden, pasten kleding, maakten een decor, repeteerden,
repeteerden en deden een try-out.
En ik was persoonlijk niet tevreden.
Bedacht me of ik mijn rol nog terug kon geven.
Want ik was persoonlijk niet tevreden.

En toen, op een mooie lentedag in mei, had de vereniging ledenvergadering.
En ik dus een avondje ‘vrij’.
Tot ik werd gebeld.
Door de voorzitter.
Vader onwel.
Ambulance. Ziekenhuis. Dood.

En ik moest spelen.
Ik moest en zou. Spelen.
Was opeens bang dat ze iemand anders zouden vragen.
Om mijn dode vader.
Of gewoon omdat ik niet goed genoeg was.
Maar dat deden ze niet. Integendeel.
Dus we repeteerden. En repeteerden.
Uitgerekend ik had heel veel tekst met ‘dood’ er in.
Dus we repeteerden. En repeteerden.

Het werd 22 oktober 2005.
De goudse schouwburg.
Ongeveer 800 man publiek. In de zaal.
En eentje ergens daarboven.
Stelde ik me zo voor.
Ik speelde voor hem.
Kende mijn tekst.
En die van anderen.
Kende mijn mise-en-scene.
En die van anderen.
En zoende.
Met die aardige jongen die zich liet omscholen
van vrachtwagenchauffeur tot, hoe toepasselijk, begrafenisondernemer.
Allemaal voor hem.
Wilde dat ‘ie trots was.
En was niet tevreden.
Realiseerde me dat ik dat nooit zou zijn geweest.

Ik speelde later nog wel meer.
Altijd ook voor hem.
Maar nooit meer zoals toen.
Voor 800 man publiek.
Maar eigenlijk alleen voor hem.
Als een knecht van twee meesters.

Binnenkort speel ik weer.
‘U bent mijn moeder’ van Joop Admiraal.
Ook een beetje voor hem.

Eerst maar eens goed mijn #tekst leren….

Standaard
Toneel, Uit de oude doos, Yvonn

Vuur in de sneeuw

Dit ben ik.
(Die ene zonder baard.)
In 1997. Ruim 14 jaar geleden.
Het was een roerig jaar.
Mijn leven op z’n kop.
En helaas niet alleen dat van mij.
Geen idee waar we terecht zouden komen.
Geen idee hoe het verder moest.

Alleen de liefde. Die was zeker.
En m’n tekst. Die kende ik uit mijn hoofd.
Uiteraard.

‘Vuur in de sneeuw’ van Sam Shepard.
Toneelvereniging Toi Toi uit Waddinxveen.
(Foto’s door Evert Hardendood)
Bij de tweede voorstelling. Zaterdagavond.
Kwam hij kijken.
Zag me zo zitten.
En toen ik zelfs nog minder aan had, zat het hoofd van zijn collega er voor.
Zegt ‘ie.

Mijn haar is verkleurd.
Ik pas niet meer in die spijkerbroek.
En ik zette drie kinderen op de wereld.
Van hem.

Ik had me er destijds geen voorstelling van kunnen maken.

Standaard